Klokkenluider van de HAN?

Het incident is een vervolg op de eerdere commotie rond de zogenaamde ‘theo- route’ waarbij studenten van de hogeschool InHolland massaal hun diploma’s cadeau zouden hebben gekregen. Ron Bormans, CvB-voorzitter van de HAN, kan zich absoluut niet vinden in de uitspraken die docent De Reijke doet bij EenVandaag. ‘Goede docenten werken vanuit empathie en dan doet dat dilemma zich wel eens voor. Maar de overgrote meerderheid werkt vanuit een hoog kwaliteitsbesef en maakt voortdurende de keuze dat kwaliteit voorop moet staan.’ Het niveau wordt volgens Bormans meer dan voldoende gewaarborgd door stevige interne en externe kwaliteitsbeoordelingen. ‘Denk aan accreditaties, examencommissies, beroepenveld, de audit commissie. Een hbo-diploma staat voor een hbo-niveau.’ De uizending van EenVandaag is nogal tendentieus en suggereert dat het niveau van het hbo over de hele linie belabberd is. Bormans: ‘De waarde van het diploma wordt ter discussie gesteld en ik laat me de kwaliteit van de HAN niet afnemen. Die kwaliteit is de koperen plaat op ons gebouw, de ultieme legitimatie van ons bestaan.’ Volgens hem ontstaat rond dit soort zaken heel snel een hype. ‘We moeten zorgen niet met die hype mee te gaan, maar rustig blijven argumenteren waarom we alle vertrouwen in die kwaliteit hebben. Een zakelijk contrageluid tegen een gehypt incident.’
Evenals bij de discussie rond InHolland, wordt ook in deze situatie al snel verwezen naar het bekostigingssysteem binnen het hbo. Hogescholen worden afgerekend op aantal en snelheid van afstudeerders. Ook Bormans is voorstander van een systeem waarin de rendementsprikkel minder hoog is. ‘Maar het belangrijkste is dat we kiezen voor kwaliteit.’ Binnenkort wil hij eens rustig met docent De Reijke rond de tafel gaan zitten.
Paul Smeets is als hogeschoolhoofddocent bij Applied Science en lid van de audit commissie sterk betrokken bij het onderwerp. ‘De uitzending is uitermate tendentieus. Die suggereert dat het niveau van het hbo over de hele linie niet deugt. We focussen binnen de HAN juist heel erg op kwaliteit. Docenten komen – in alle onderwijssystemen – soms voor een moreel dilemma, maar in het beeld dat gesuggereerd wordt, herken ik me helemaal niet. En ik merk dat door de strenge controle op de kwaliteit dit soort gevallen bij Applied Science niet meer voorkomt. De selectie vindt al in een eerder stadium plaats. Nogmaals: ik herken me hier helemaal niet in.’


